De Spaanse Burgeroorlog (1936-1939) kostte een half miljoen mensen het leven en geldt als aanloop naar de Tweede Wereldoorlog in Europa. Debatten erover gingen tot voor kort steevast over de jaren 1936-1939. Dat is minder logisch dan het lijkt, want de oorzaken voor de broederstrijd liggen in de voorafgaande periode. De laatste tijd verschuift de belangstelling van historici dan ook naar de 'vooroorlogse' jaren. Vooral die tussen 1931 en 1936 staan in de belangstelling: toen bestond in Spanje even een moderne parlementaire democratie, en de vraag klinkt waarom die ten onder ging.
Ook in de Spaanse fictieliteratuur groeit de aandacht voor de periode die aan de burgeroorlog vooraf ging. Zelfs tot Nederland is deze ontwikkeling doorgedrongen, blijkens Miquel Bulnes' recent verschenen monumentale roman Het bloed in onze aderen. Een vraag is of hedendaagse schrijvers de geschiedenis met meer distantie bezien dan hun collega's van zo'n driekwart eeuw geleden, of nog steeds schrijven vanuit het perspectief van de toenmalige partijen.